Feestelijke opening van Tegel(kunst)projekt

Almere 14 Oktober 2001

Martin Mens deklameerde het verhaal vanaf het jaar nul tot... het heden

In den beginne schiep God de aarde, behalve Nederland, want:
in een ver, heel ver verleden, strekte zich een gebied uit waar de zee haar eigen spel speelde.....
De zee nam, en de zee gaf, en per saldo veranderde er heel lang erg weining.

De DOGGERSBANK, die zich uitstrekte van het huidige Alkmaar tot aan de Deense kust.

Bij hoog water en harde wind een kolkende watermassa met grondzeen en schuimkoppen; bij eb een slikkerig gebied

vol geulen, stenen en zeemeeuwen.
Een onmetelijke vlakte, gevuld met bagger, prut en zand....

Hier en daar staken masten en resten van gammele vaartuigen er bovenuit, als onbedoelde beelden van menselijke

sporen en vernuft ofwel.....een gebrek daaraan!

TOENDRA´S noemde men dat uitgestrekte gebied. TOEN -DRAS´SIG´....en nu nog steeds!

De stervelingen die destijds -aan de door de zee aangevreten randen van dit gebied- trachtten te overleven,

leerden het regime van het water door schade en schande kennen.
Zij wierpen aarden wallen op, om de voeten droog te houden.

Een harde, ongelijke en eeuwige strijd die tot op de dag van vandaag voortduurt en nooit gestreden zal zijn.

Onder Koninklijke bezieling en Mximale inzet, prikken wij weer dijken door en geven het water weer ruimte.....de

vraag is nu weer: HOEVEEL ruimte?

In vroeger tijden kregen de eerste Nederlanders ongevraagde hulp van een vernuftig volk; maar een hog dunk hadden

zij niet van ons.
Plinius, een Romeins schrijver, noteerde als volgt:

"Daar bewoonde een beklagenswaardig volk hoge heuvels, door henzelf opgeworpen tot een hoogte, overeenkomend met

de hoogste vloed......
Ze nemen met hun handen slijk, dat ze meer door de wind dan door de zon laten drogen. Met die aarde koken zij hun

voedsel en verwarmen ze hun door de noordenwind verstijfde ingewanden en ledematen".

    
Troubadour Lon en Martin Mens
Maar de Romeinen kwamen en gingen, zoals andere gastarbeiders later.

Voor wat zij achterlieten is dank en respekt verschuldigd maar....het water en de strijd ertegen bleef......want

Nederlanders blijven tenslotte ijzervreters!

Rare jongens, die Romeinen

Er zat aan het strand een Romein te schrijven
Ergens tussen Zandvoort en Scheveningen
wij dachten hij zit maar wat tijd te verdrijven
maar hij was bezig met zijn Hollandse beschrijvingen

Refrein
Plinius, Plinius, hoezeer gij ons ook beklaagde
wij zorgden voor duinen, dijken en droge terreinen
en zagen we jou dan met veer en vel in de weer
dan dachten wij bij ons zelf: rare jongens, die Romeinen

Het Aquaduct bij Hoogmade was een goede uitvinding
Al is dan de file die daardoor ontstaat ons niet altijd wel
En dankzij het aquarium keken we naar onderwaterleven
en die indruk was het begin van het aquarel

Refrein
Plinius, Plinius, hoezeer gij ons ook beklaagde
wij zorgden voor duinen, dijken en droge terreinen
en zagen we jou dan met veer en vel in de weer
dan dachten wij bij ons zelf: rare jongens, die Romeinen

Er zijn hier en daar nog wat restanten over
van wat de Romeinen ons hebben geleerd
maar het land hebben we zelfs veroverd
ook als Plinius iets anders beweert

Refrein
Plinius, Plinius, hoezeer gij ons ook beklaagde
wij zorgden voor duinen, dijken en droge terreinen
en zagen we jou dan met veer en vel in de weer
dan dachten wij bij onszelf: rare jongens, die Romeinen

Dames en heren, na dit prachtige lied....een gedicht (zoals dit treffende, historische o.id.) een tweetal strofen uit gedichten van Marsman:

Uit: Herinnering aan Holland

.....DE LUCHT HANGT ER LAAG
EN DE ZON WORDT ER LANGZAAM
IN GRIJZE VEELKLEURIGE DAMPEN GESMOORD
EN IN ALLE GEWESTEN
WORDT DE STEM VAN HET WATER
MET ZIJN EEUWIGE RAMPEN
GEVREESD EN GEHOORD.


uit: Polderland

Dames en heren...let op de analogie tussen het gedicht en Almere-Haven

O, DERTIGSTROMENLAND,
HET VOLK DAT U BEWOONT
VERSOMBERT IN KRAKELEN
DIE GELD EN GOD VERDELEN,
PURPER EN DE DOORNENKROON.


Marsman was zijn tijd vooruit!

Na het vertrek van de Romeinen en de van hen geleerde vaardigheden, groeiden Holland en Friesland gestaag. Men benutte de getijden van eb en vloed voor landaanwinning; men bouwde dijken om het gewonnen land te beschermen en bedacht ook een uniek en oer-Nederlands begrip: "waterhuishouding" !

Maar de zee gaf en nam, ze gromde bij tijd en wijle, vrat aan het gewonnen land en spuwde het dr uit waar het door mensen niet werd gewenst.

Men zwoegde en ploeterde en trachtte -meestal individueel- have en goed droog te houden en veilig te stellen.

Moeizaam ontstond samenwerking om het water te keren en het gewonnen land te behouden. Het persoonlijk belang prevaleerde "Ieder voor zich en God voor ons allen" was het parool........dat is nu wel anders!

Bonifatius dreef met stichtelijke bedoelingen over het Al - Mere in noordelijke richting. Hij kwam en zette voet aan wal.

Hij meende het beter te weten en wees op doelen die hoger lagen dan het Nieuw Amsterdams Peil. Zijn gehoor zag water branden. Hijzelf en zijn ideeen gingen in rook op; bij Dokkum vond hij zijn Waterloo....en Barthlehiem zou
hij nooit bereiken...

Het was uiteindelijk de Spaanse kolonel Caspar de Robles die, als nazaat van Alva, orde op zaken stelde in het krakelende Friesland.
Hij had geen boodschap aan onmin tussen horigen en vrijgestelden en beriep zich op het algemeen belang van droge voeten. Gewoon de zweep erover en weer aan het werk!

Men noemde hem "DE STENEN MAN". Achteraf heeft men toch de waarde ervan ingezien, want zowel in steen -op de dijk bij Harlingen- als in het FRiese lied "IT HEITELAN" houdt men deze "Spanjool" in ere.

In het Jaar Onzes Heren twaalfhonderdtachtig besliste graaf Floris V dat iedereen ´dijkplichtig´ was, ongeacht rang of stand.

16 jaar later maakten de belastingbetalers hem een kopje kleiner...

Na een lange weg van slijk, slik en water op niet-gewenste plekken, bestuurlijke bekrompenheid, twijfelaars en academisch geleuter, zweefde de geest van aanpakken over de Zuiderzee en beroerde het brein van een groot man:

Cornelis Lely; een man die staat als een paal....binnenkort te zien in zijn stad. (boze tongen beweren dat bij dijkdoorbraak Lely eeuwig kan uitkijken over de Zuiderzee)

Wilhelmina, de kordate Koningin, die mr met laarzen en zuidwester had dan met brokaat en mondaine hoofddeksels, opende in 1913 de troonrede als volgt:

"Ik acht de tijd gekomen om de afsluiting en de droogmaking van de Zuiderzee te ondernemen".

En zo geschiedde en men bouwde de afsluitdijk.
OP 28 mei 1932 vulde een grote grijper het laatste gat in de afsluitdijk: "Zuiderzee" heette voortaan IJsselmeer".

tekst: Henk Tilder

Caspar de Robles (eigen tekst troubadour Lon)

Er was eens een Spaans edelman
die woonde aan de Friese meren
hij had daar een mooi huis gebouwd
en ontving daar nette meneren

maar op een dag ergens in maart
hoorde men in het huis gejank
Caspar schreeuwde moord en brand
want de kelder die stond blank

"hoe kan dit nu zo schreeuwde hij
mijn bezittingen zijn verzopen
en van mijn voorraad en boeken
durf ik het beste hopen"

De Friezen zagen dit zo aan
zij waren droog gebleven bij hun haard
Zeiden tegen de edelman
Hoog water is gewoon in maart

Maar Caspar nam er geen genoegen mee
hij ging over lieden en lijken
geen overstroming trof hem meer
en dat alles dankzij de dijken


De Wieringermeer en de Flevopolder

Na de Wieringermeer en de Afsluitdijk kreeg men de smaak te pakken en ging voortvarend te werk.

Onder de doem en dreiging van oorlog werd de bodem van de voormalige Zuiderzee in de tweede polder zichtbaar en

deze kreeg de weinig prozasche naam NOP, als afkorting van Noord Oost Polder.

Ten tijde van de bezetting was de NOP voor het Verzet en onderduikers een zeer geschikte plek om onvindbaar te

blijven.... Men noemde de NOP ook wel: het "Nederlands Onderduikers Paradijs".

Met de ontwikkeling van deze nieuwe polder werd het een ware proeftuin voor van alles en nog wat.
Verkaveling, drainage, waterbeheer en het nieuwe zakelijke bouwen te Ngele.

De nieuwe pioniers hielden bij het zien van de palnnen hun hart vast; en toen hun huizen werden opgeleverd,

stonden zij als aan de grond gengeld.

Deze nieuwe zakelijkheid was aan hen niet besteed.
De schrijvers van het boekje "Zuiderzee-projekt in zakformaat", merkten hierover droogjes op:

"Het resultaat van dit omstreden projekt sloot niet bepaald aan bij de wooncultuur van de agrarische

bevolking"


-- K je in die roare blokken d wne ?! --


De vooruitgang was niet te stuiten en er werd begonnen met de FLEVOPOLDER,
eerst het oostelijke deeel, daarna het zuidelijke deel.

EN DAAR STAAN WIJ NU !

(--troubadour petje op!!)

Tekst: Henk Tilder

RAP ALS EINDLIED TROUBADOUR

We staan hier met z´n allen
op de rand van zee en land
om tegels te bekijken
gelegd in historisch verband

´t Gaat over de geschiedenis
van water in Flevoland
De havenkom van Almere
heeft nu een tegelrand

Een Rotterdamse kunstenaar
die vond het hier te gek
om te te painten met Almeerse kids
gaf hen een kick en het werd kek

Gemaakt door kids en bobo´s
en ander mensenspul
met verf en klei en specie
is het hier niet langer ´dull´

Veel is hieraan vooraf gegaan
Bekijk het zelluf maar!
Wie niet meegaat met verandering
wordt vanzelf een zoutpilaar

Het kostte wel wat pegels
maar dat kwam van het bestuur
want al die kunstzinnige tegels
die brengen hier meer cultuur

En cultuur, dat hoort bij Haven
"Revitalisering".....wt ´n woord!!
Kunst en cultuur verbindt de mensen
en dat is zoals het hoort

Tine Veenink leidde dit projekt
bemiddelde voor de poen
Wij vinden dat zoiets meer moet
moet de gemeente vaker doen!

We staan nu bij de laatste tegels
aan het eind van de wandeling
Ik ben door mijn verhaaltje heen
Het woord is aan wethouder van Ling!

Nieuwe tekst op de Zuiderzee-ballade


REFREIN:

DIT IS DE HAVEN, ALMERE-HAVEN
DAAR LIGT EEN TEGELRAND
ZO WONDERSCHOON
GEMAAKT VAN AARDE, VERHIT TOT STENEN
VERBEELDT DE GESCHIEDENIS
DOOR JAREN HEEN


COUPLET 1:
VROEGER WAS HIER HEEL VEEL WATER
NU LIGT ER EEN HELE STAD
NU VIJFENTWINTIG JAREN LATER
LIGT EEN DEEL WEER OP ZIJN GAT

COUPLET 2:
JA, ZO GAAT DAT IN HET LEVEN
SOMS IS PRET VAN KORTE DUUR
GAAT MEN NAAR IETS ANDERS STREVEN
GELUKKIG IS DAT HIER: CULTUUR!

REFREIN (allemaal meezingen)

intro
EENS GING DE ZEE HIER TEKEER
MAAR DIE TIJD KOMT NIET WEER
ZUIDERZEE HEET NOU IJSSELMEER
EEN TRAKTOR GAAT ER NOU GREPPELS GRAVEN
´K ZIE TOT DE HORIZON GEEN SCHEPEN MEER

COUPLET 3
CULTUUR IS NIET ALLEEN VAN HEDEN
WANT DAT IS VAN ELKE TIJD
DUS OOK IN EEN VER VERLEDEN
KON MEN ZIJN IDEEEN KWIJT

COUPLET 4
MAAR OOK NU ZIJN WIJ NOG BEZIG
MET DAT WATER EN HET LAND
WANT HET MOET WEL VEILIG WEZEN
IN ONS EIGEN FLEVOLAND

REFREIN (allemaal meezingen)

intro
EENS GING DE ZEE HIER TEKEER
MAAR DIE TIJD KOMT NIET WEER
ZUIDERZEE HEET NOU IJSSELMEER
EEN TRAKTOR GAAT NOU GREPPELS GRAVEN
´K ZIE TOT DE HORIZON GEEN SCHEPEN MEER

couplet 5
MAAR HAVEN HOEFT NIET MEER TE KLAGEN
DIE SCHEPEN KOMEN VAST WEEROM
EEN BEVOLKING UIT ALLE LAGEN
KOMT NAAR DEZE HAVENKOM

couplet 6
DE SYMBOLIEK VAN DEZE TRAPPEN
HET VERHAAL STAAT IN DE TEGELRAND
ALMEERDERS DIE ZULLEN HET SNAPPEN:
HISTORIE VAN ONS FLEVOLAND!

REFREIN (allemaal meezingen)


TERUG