Rol Almeerse "bouw"-ambtenaren dubieus

Almere 05 September 2002

Naar aanleiding van de verklaring van de heer Joling aan de enquêtecommissie van de bouwnijverheid

Vanmorgen heeft de heer Joling, onderzoeker van de accountantsorganisatie Deloitte en Touche, een verklaring afgelegd aan de parlementaire enquêtecommissie Bouwnijverheid. Hierin stelt hij dat aannemers bij bouwopdrachten van de gemeente Almere verboden prijsafspraken hebben gemaakt. Hij verwijst hierbij naar een onderzoek gedaan door Deloitte en Touche in opdracht van de gemeente Almere.
Het college van B en W van Almere heeft kennis genomen van deze verklaring en is verrast door de discrepantie tussen de conclusie uit het rapport zoals zij dat van Deloitte en Touche in januari 2002 heeft ontvangen en de verklaring van de heer Joling. In het rapport van januari 2002 concludeert Deloitte en Touche: vormt deze bevinding geen aanwijzing van mogelijke prijsafspraken tussen aannemers.


Al vanaf het begin is de gemeente Almere zich er terdege van bewust dat zij als grootste bouwgemeente van Nederland zorgvuldig te werk moet gaan bij haar aanbestedingen. Er is continu en specifiek aandacht voor de risico´s die dat met zich meebrengt. Ieder signaal op het gebied van fraude, integriteit en verboden prijsafspraken wordt serieus opgepakt en onderzocht.
Zo voert de gemeente al lange tijd aanbestedingprocedures uit die regelmatig op basis van ervaring worden bijgesteld. Hetzelfde geldt voor de naleving van de richtlijnen. In het kader van de Wet Bibob (bevordering integriteitbeoordelingen door het openbaar bestuur), heeft de gemeente een pilot project gestart, waarbij de integriteit van de aanvrager van een bouwvergunning kan worden gescreend.
In april 2001 heeft de gemeentelijke rekeningcommissie een advies uitgebracht aan de gemeenteraad met betrekking tot de gronduitgifte systematiek en de financiële systematiek van het grondbedrijf. Vorig jaar heeft de gemeente Deloitte en Touche gevraagd een intern onderzoek in te stellen naar een aantal in de afgelopen twee jaar binnen de gemeente uitgevoerde aanbestedingsprocedures. Het onderzoek was met name gericht op situaties waarin sprake was van substantiële afwijkingen tussen de gemeentelijke voorcalculaties en de aanbestedingsresultaten.
De aanbesteding van de uitbreiding van het stadhuis heeft verschillen laten zien tussen de gemeentelijke calculaties en de inschrijvingen van de aannemers. Deze verschillen hebben aanleiding gegeven om in overleg te treden met de Nederlandse Mededingingsautoriteit(NMa). Deze heeft inmiddels laten weten geen aanleiding te zien tot nadere acties.

In het verlengde van deze activiteiten zal de gemeente haar beleid consistent voortzetten. Dit houdt in dat zij in overleg zal treden met Deloitte en Touche over de door hun gedane uitspraken.

TERUG